RONDE VAN ZUID-HOLLAND.(1981.03.14)

PEER MAAS na zes jaar weer eerste in Ronde van Zuid-Holland

Ook de tweede slag was voor Gazelle. Moest ploegleider Ben van Erp vorig jaar tot in april wachten voor hij zijn mannen de eerste klassieke buit zag binnenhalen (Dries Klein an Peer Maas triomfeerden toen immers in Groningen en in de Baronie „vermomd" in clubtrui), het begin van het seizoen 1981 was voor de Gazelle-formatie formidabel. Klein spurtte op de Zwolse Zwartewaterallee naar de zege in de Zwol­se Ster en aan het eind van een opnieuw ontstellend zwere Ronde van Zuid-Hol­land begroette Gazelle zelfs een dubbele triomf. Opnieuw behoorde Dries Klein tot de sterksten, maar nog rapper was op de Haagse Groen van Prinstererlaan oude rot Piet (Peer) Maas.

De 30-jarige Maas liet daarmee maar weer eens zien dat Zuid-Holland gewoon „zijn" Ronde is. De laatste jaren ontbrak Peer in de uitslag, maar diverse keren al kwam zijn naam in het ,gouden boek" van de Stichting SOS. In 1978 en 1976 als vierde; in 1977 als tweede en in 1975 zelfs als winnaar. Peer Maas uit het Westbrabantse Huybergen dus op herhaling. Zes jaar eerder immers was hij ook de beste man in het amateurpeloton. Hij herinnerde het zich nog. ,Dat was toen Piet van Katwijk er de wedstrijd voor profs won. En in dat jaar stonden we ook bij de amateurs met drie Piet-en op het podlium. Want Piet van der Kruys werd toen tweede en Piet Hoekstra derde in de massale aankomst." Ligt die Ronde van Zuid-Holland Maas dan zo goed? Het antwoord van de ervaren wegkapitein van Ben van Erp was ver­rassend. En niet al te bescheiden. Want had een uitbundige Dries Klein (meteen duidelijik de leider in hot Markthof-Union­Wielersport-klassement) al even tevoren verkondigd dat de Gazelles superieur wa­ren; dat ze in de eerste wedstrijden van het jaar konden doen wat ze wilden; ook Maas gaf hoog op over de prestaties van zijn equipe.

Met een vingerwijzing naar de uitslag (vier man bij de eerste dertien en dus ook eerste in het ploegenklassement) draaide hij de vraagstelling eenvoudhg om. Niet de koers is geknipt voor de ploeg, maar die ploeg zet gewoon de koers naar zijn hand. Maas: ,Wij bepalen wanneer de slag valt. Rijden er daarna af wie we willen en worden dan nog een en twee ook."

Duidelijke taal dus. Gazelle de baas in Zuid-Holland. Winst voor de man die (zegt hij) echt niet veel heeft getraind. Maas, kantoorleider van edn accountantsbureau in St. Maartensdijk, heeft daar gewoon geen tijd voor. Of het bij een paar uur per week blijft? Daarover zijn de meningen verdeeld. Maar een feit is dat Maas wel zeer weinig kilometers nodig heeft om in vorm te komen. Grijnzend: ,In de eerste klassieker van het jaar heb ik het altijd even moeilijk. Ook in Zwolle (waar hij 10e werd) was dat weer zo. Een dag later in een criterium in het Belgische Oud-Turnhout werd ik achter mijn ploegmaat Jacques Vooijs al tweede. En toen wist ik dat ik er in Zuid-Holland weer bij zou kunnen zitten. AI baalde ik woensdags voor de koers nog stevig. Maandag en dinsdag was het, met al die regen, geen weer geweest om op de fiets te komen, maar de dag erop was de temperatuur opeens bij ons een graad of zeventien. Ik ga niet, zei ik toen tegen mezelf. In het voorjaar moet het gewoon lekker koud zijn. In slecht weer, dan voel ik me op mijn sterkst."

Peer Maas kreeg zijn zin. Want, nadat de dames 's morgens in de Lenterace nog een deel van hun parkoers op droge wegen hadden afgelegd, regiende het 's middags bij de amateurs onophoudelijk. En werd het in de finale nog lelijk kil ook. Het weer voor Maas dus. En zie de koers liep ook zoals die voor Maas moest lopen.

Met al in Delft (na 13 km) een in waaiers uiteengevallen groep. Met een eerste waaier van 27 man: Havik en Jennen (Amstel) Brouwer, Brokelman en Timmer (Batavus), Soek (Bik), Van Dijk en Harings (Brouwers), eenzame Damen (Driessen), Maas, Klein en De Nijs (Ga­zelle), Bierings, Rene Koppert, Moons en Solleveld (Jan van Erp), Van Weers, Groenewegen en Van de Velden (Markt­hof-Union), Ron en Stan Snijders en Spar­naay (Meubeldroom), Van der Knoop (Transvemij), Bouman en Schroen (De Uitkomst), Quispel (Usboerke), Luc. Oosterhof (De Kampioen) en Theo Hoger­vorst (Westland Wil Vooruit). Die mannen

zouden het wedstrijdbeeld verder bepalen, al capituleerden de anderen pas na lang verzet; kwamen er zelfs „van achteren" nog korte prijsrijders (Koot, Heeren).

Pech en gewoon zwak koersen maakte in­tussen van de Driessen-ploeg een ver­slagen equipe. Met een lekke band ver­dween Peter Damen uit de spits. Sombere gezichten dus bij Wil Vile en Henk Stevens. Bijna net zo somber als de blik­ken van Westland's rappe man Theo van Tol, die bij Zoetermeer woedend zijn fiets wegslingerde nadat hij, met Van der Wel en Den Besten, tegen de grond smakte. Dries Timmer (val) en Henk van Weers (3e een week eerder in Zwolle en wel degelijk weer mee voorop) raakten de kopgroep ook de aansluiting door pech kwijt. Bouman, Schroen, Oosterhof en later ook Quispel moesten er af omdat het tempo te hoog lag.

Zo hoog dat na 40 km koers nog slechts elf man voorop raasden: Jennen, Brokel­man, Klein, Maas, Bierings, Moons, Kop­pert, Solleveld, Hogervorst, Ron en Stan Snijders. Knokken dus daar voor je plaats. En al leek Gazelle in het nadeel met liefst vier paarse rijders van Jan van Erp in de nabijheid, de werkelijkheid was anders. Want de jeugdige pionnen van Jan Gisbers hebben de grote conditie nog niet. Hoeven die ook nog niet te bezitten, aldus Gisbers. Wijzend naar de donkere wolken boven een druilerige Den Haag: ,We hebben de tijd. Met dit weer breekt een gebrek aan trainingskilometers je op. Koppert, die nog geen enkele wedstrijd langer dan tachtig kilometer reed, is er nog lang niet. En Bierings trainde ook te weinig. Dat komt allemaal nog wel. Wat me verbaasde was dat Solleveld het zo lang volhield. Ge­weldig eigenlijk wat die op de Maasdijk liet zien."

De Maasdijk. Solleveld was er van het paarse kwartet als enige toen nog bij. Moons wapperde er bij Alphen a. d. Rijn (70 km) al af. En nadat langs de Gouwe een derde groep de tweede had achter­haald, en het verschil tussen de spits en de achtervolgers anderhalve minuut was, voelden Bierings en Koppert zich evenmin prettig. Toch duurde het tot 115 km (bij Zestienhoven) voor de activiteit van tien renners uit de zich nog steeds niet geklopt voelende tweede groep (Koot, Van der Velden, Wekema, Heeren, Moons, Appel­doorn, Van der Knoop, Brouwer, Jan van Rossem en De Nijs) de mannen van Ben van Erp inspireerde tot wat meer initiatief. Hogervorst zette zich langs rijksweg 13 indrukwekkend op kop. Joeg het tempo omhoog, waarna Maas en Klein overna­men. De in WWV-tricot gestoken Hoger­vorst werd zelf mede de dupe van zijn werk. Hij kon ook niet meer volgen, maar stelde tevreden vast dat de actie Bierings en de rappe Koppert „de kop" kostte. Amstel's Wim Jennen reed in die fase van de koers erg goed. Hij schuwde de strijd met de Gazelles niet. Reed dapper mee op kop en dat betekende voor Stan Snijders (met broer Ron weer twee Meu­beldromen aan het front) het eind van een illusie. Zes man dus nog op weg naar de Maasdijk. Waar Herman Krott, natuurlijk weer aan het stuur van de wagen die wedstrijdleider Joop Hartman vervoerde, Maas enthousiast toeriep dat zojuist de radio het bericht bracht over het succes van de jonge neo-prof Adri van der Poel in Parijs-Nice.

Maas, streekgenoot van Poelleke, rea­geerde laconiek. „Hij winnaar van de rit daar, ik winnaar van de Ronde van Zuid­Holland", riep Peer opgewekt terug. Om meteen zo hard op kop te gaan rijden dat een verraste Solleveld zich, achter Jennen en Brokelman, plotseling op een gat zag gereden. Wat Solleveld daarna deed maakte ook op wegcoach Piet Liebregts indruk. Hij sleurde kilometers lang, met Brokelman aan het wiel, om terug bij beide Gazelles en Ron Snijders te komen. En hij slaagde. Al was Jennen intussen wet „gezien".

Liebregts: ,Een sterke vent die Solleveld. Hij doet me vreselijk veel aan Leo Duyn­dam denken. Ook die kracht in zijn body. Trouwens, ik heb in Zuid-Holland wel meer goede coureurs gezien. Laat niemand zeg­gen dat we geen talent hebben bij de amateurs. ledere wedstrijd bewijst het tegendeel. Deze nog meer dan de Ster van Zwolle. Ik geniet van dat koersen van de amateurs. Zo'n Klein bijvoorbeeld. Knap toch dat ie er weer bij zat. En Snijders ook. Koppert, ook al zo'n talent. Goede zit. Daar gaat iets van uit. Dat hij nog wat te weinig kilometers in de benen heeft, maakt niets uit. Dat komt wel."

Bewondering dus van de coach voor de mannen die in de polder en op de dijken de koers maakten. Ook voor Peer Maas, die Liebregts natuurlijk al lang kende. Want Peer is er al heel wat jaartjes bij in het amateurpeloton. Weet hoe hij een finale moet rijden en maakte dus geen fouten. Solleveld probeerde nog wel wat (zonder overtuiging, want hij had op de dijk te veel moeten afzien). Snijders maakte zich misschien illusies, maar in de seconden waarin de prijzen echt werden verdeeld, was Maas er weer.

Achteloos: ,Ach, wanneer Dries Klein had kunnen wegkomen, had-ie van mij ook best mogen winnen. In de spurt niet natuurlijk. Dan ben ik de sterkste. Zeg mij maar eens wie me in het voorjaar, zeker na zo'n zware koers, komt kloppen?"

Piet Maas, hij heeft zijn klassieker al weer binnen. Zoals hij er zo de afgelopen jaren - Drente, Midden-Zeeland, de Gla­zen Stad, Braakman, ritten in Olympia's Ronde en vorig seizoen dus nog de Baronie - telkens wet een naar zich toe trok. Gewoon een goede winnaar dus. Tekst:Henk Kruithof

0

RONDE VAN ZUID-HOLLAND.(1981.03.14)

0

Amateurs:

 

1

Peer Maas

Huijbergen;

2

Dries Klein

Ter Apel;

3

Ron Snijders

Zwanenburg;

4

Gerrit Solleveld

De Lier;

5

Gerrit-Jan Brokelman

Hardenberg;

6

Wim Jennen

Grevenbicht;

7

John van de Velde

Geldrop;

8

Jan de Nijs

Amsterdam;

9

Frank Moons

Mierlo-Hout;

10

Hans Koot

Sint Oedenrode;

11

CornÚ Heeren

Sint Willebrord;

12

Peter van der Knoop

Haarlem;

13

Stan Snijders

Zwanenburg;

14

RenÚ Koppert

Poeldijk;

15

Bert Wekema

Peize;

16

Theo Appeldoorn

Roosendaal;

17

Theo Hogervorst

Pijnacker;

18

J. van Rossem

Den Haag;

19

Bennie Brouwer

Balkbrug;

20

Guus Bierings

Uden;

21

Henk Havik

Zaandam;

22

Gerrit Groenewegen

Amsterdam;

23

Rini van Hooijdonk

Roosendaal;

24

van Putten

Haaften;

25

Huub de Vries

Haarlem;

26

Henk van Weers

Den Haag;

27

D. Saak

Ankeveen;

28

Jan Sparnaaij

Aalsmeer;

29

Harrie Akkermans

Zevenbergen;

30

Luc Oosterhof

Assen;