KOLLUMERZWAAG.(1980.08.26)

Jan ,Draadnagel' triomfeert eveneens in Kollumerzwaag

Jan Spijker, ook sinds hij zaterdag in Harkema zijn zevende seizoenzege

nog dikwijls „Draadnagel" genoemd, won dinsdagavond de amateurronde van

binnenhaalde in Kollumerzwaag. Het langdurige maar echt niet onvergetelijke evenement kreeg vooral dankzij „Dolle" Dries van Wijhe een leuke finale. Daarin profiteerde de 25-jarige Kampenaar Spijker kundig van het vuile werk, dat zijn Batavus-ploegmakker Egbert Koersen toen

opknapte. Er moesten in die slotfase voortdurend gaatjes worden dichtgereden, omdat Dries van Wijhe tot groot enthousiasme van het talrijke publiek keer op keer demarreerde. Het natuurwonder uit het Gelderse Kerkdorp, dat bij de uitdeling van een scherpe eindsprint niet vooraan stond, kreeg in Kollumerzwaag niet de ruimte om naar de winst te soliëren. Vooral Spijker, Koersen en ook Jan Feiken reageerden steeds alert.

een

„Het werd allemaal goed geregeld," oordeelde Spijker onmidellijk na de finish. „Nadat Koersen weer eens een gat had dichtgereden, ben ik er meteen overheen gegaan. Daarom voel ik mij nu niet zo best, want de spurt werd een beetje te vroeg aangegaan." Koersen mocht daarin niet echt meedoen, omdat zijn ploegmaat een gewonnen koers reed: „Dat kun je niet doen, wat jammer is, want een overwinninkje zou me wel weer eens passen."

Een verraste Jan Feiken, die daardoor weer eens als tweede binnenkwam, kon geen grammetje tevredenheid voelen: „riet gaat puur slecht. Ondanks zadelbreuk Dlijf je bij, je weet wie de concurrenten zijn en toch grijp je dr weer naast." De slag viel ruim twintig kilometer voor het einde na een demarrage van Dries van Wijhe, waarop naast Feiken, Koersen en Spijker ook Steve Fleetwood, Luuk Oosterhof en Herman Veneman sterk reageerden.

De aanloop naar deze beslissende vlucht was bepaald vlak te noemen. Er gebeurde tachtig kilometer lang vrijwel niets, of het moest zijn, dat Jan van Dam en de favoriete maar nog altijd op zijn eerste Friese seizoenzege wachtende Gerrit Möhlmann ruzie kregen. Wel lag het tempo verder hoog, maar hinderlijker was voor velen toch, dat vooral op de stoffige achterkant van het parcours onwijs veel lekke banden ontstonden.

Gerard Schipper, winnaar in 1979, haalde hierdoor bijvoorbeeld de eindstreep niet, wat de concurrentie kon helpen, wat tot dan had hij louter krachten zitten sparen in de hoofdmacht. Alleen Henk Bouwman had even met zijn krachten mogen smijten en ook Johnny de Bic, Jan van Dam en later Gerrit Brokelman, Theun Hoving en Dries Timmer probeerden het peloton te ringeloren, maar deze pogingen liepen op niets uit. De vlucht van Brokelman, Hoving en de Friese kampioen Timmer leek kans van slagen te hebben, vooral nadat Móhlmann vergeefs geprobeerd had de jacht op dit drietal te organiseren, maar Spijker, nota bene een ploegmakker van Brokelman en Timmer, reed alles weer bijeen. Tot de geslaagde poging van Dries van Wijhe deden verder alleen Jan Welles en Popke Akkerman een niet al te serieuze poging om de meute te ontvluchten.

In de slotfase viel Steve Fleetwood, die toen al een tijdje zat te „sterven", door materiaalpech terug in een een jachtgroepie, dat bestond uit Anno Meems, Jan Geert Scheper en Henk Bouwman. Dit viertal naderde de koplopers uiteindelijk tot op enkele meters. Dat kon vooral gebeuren, omdat na demarrages van Dries van Wijhe en een poginkje van Luuk Oosterhof het tempo in de frontlijn zo nu en dan wegviel. De uitslag was:

0

KOLLUMERZWAAG .( 1980.08.26 )

0

Amateurs:

 

1

Jan Spijker

Kampen;

2

Jan Feiken

Veendam;

3

Egbert Koersen

Emmeloord;

4

Dries van Wijhe

Oosterwolde;

5

Herman Veneman

Balkbrug;

6

Luc Oosterhof

Een;

7

Henk Bouwman

Eelde;

8

Steve Fleetwood

Liverpool (Engeland);

9

Jan-Gerard Scheper

Ruinen;

10

Anno Meems

Tweede Exloermond;

11

Popke Akkerman

Waskemeer;

12

Luuk Aalders

Nieuw-Roden;

13

Anne Koster

Leeuwarden;

14

Johan Hoekstra

Leeuwarden;

15

Dominicus Lolkema

Oosterend;

16

Wietze Jongsma

Opeinde;

17

Adri Vermeulen

Amsterdam;

18

Jan Welles

Terwispel;

19

Catrinus Haisma

Lippenhuizen;

20

Leo Voorthuizen

Haarlem;